Inleiding
Een ieder die de discussie in de media over de maatschappelijke
ontwikkeling volgt, zal bemerkt hebben dat daarin vaak het begrip
Verlichting opduikt. Ook bij de ontmoeting van de westerse wereld met de
islam valt het woord Verlichting regelmatig en dan veel in de context dat
de Islam in haar ontwikkeling een geestelijk stroming zoals onze
Verlichting niet gekend heeft.
Wat moeten we nu verstaan onder de Verlichting? Een
antwoord in de trant van dat men zich niet alles door traditie, gewoonte
of religie moet laten voorschrijven, maar dat men zelf door redelijk na te
denken en wetenschappelijk onderzoek tot een mening moet komen, gaat dan
rond.
De vraag hoe de Verlichting in de geschiedenis van het
denken in West-Europa is ontstaan, is natuurlijk van andere orde. Dit nu
is het onderwerp, dat aan de orde komt in vier avondlezingen.
Aan de hand van een aantal steekwoorden, begrippen,
korte aanduidingen wordt nu de verdere inhoud van de cursus geschetst.
De Middeleeuwen
We starten dan met de middeleeuwen. De mens was geheel ingebed in de
samenleving, de godsdienst/traditie was dominant aanwezig op alle
levensterreinen.
Bij Thomas van Aquino (1224-1274), de grootste denker van de Middeleeuwen
en belangrijk theoloog in de R-K Kerk krijgt de rede een zelfstandige
plaats naast het geloof (natuur en bovennatuur).
Sterrenkunde
Aan de hand van het werk van de sterrenkundigen Copernicus
(1473-1543), Galileď (1564-1642) en Kepler (1571-1630) wordt ingegaan op
de overgang van het geocentrisch wereldbeeld (aarde in het middelpunt)
naar het heliocentrische wereldbeeld (zon in het middelpunt) en de strijd
daarbij met de Kerk. Door bepaalde ontwikkelingen ontstaat een gevoel van
onzekerheid en cultuurrelativisme.
Komst van de moderne filosofie / de moderniteit
Descartes (1596-1650) vindt zijn zekerheid in zijn denken. Aan alles
kan getwijfeld worden, maar dat ik twijfel en dat is denken, daar twijfel
ik niet aan. Cogito ergo sum (ik denk, dus ik besta).
Het rationele denken en het scherpe onderscheid tussen het lichaam en de
geest, het dualisme, doet zijn intrede in het denken van West-Europa. Met
Descartes wordt een wissel omgezet.
Pascal (1624-1662), zelf ook een rationalist en wetenschapper, verwerpt de
centrale positie van het rationele denken bij Descartes.
De Verlichting
De start van de Verlichting ligt in Engeland. Denkers zoals
Locke (1632-1704) en Hume (1711-1776) hebben in die Engelse Verlichting
een hoofdrol gespeeld. In de Verlichting heeft men het gevoel, dat men met
de mogelijkheden van de rede een rooskleurige toekomst van vooruitgang
tegemoet gaat. De resultaten in de natuurwetenschappen spraken tot ieders
verbeelding.
De Verlichting in Frankrijk radicaliseert uiteindelijk tot
openlijke spot en vijandschap jegens kerk en theologie. Twee denkers
hebben in de Franse Verlichting een grote rol gespeeld en wel Voltaire
(1694-1778) en Rousseau (1712-1778). Belangrijk bij Rousseau: "de
mens is van nature goed". Het slechte in de mens komt door de cultuur
van de samenleving. Opvoeding kan dat weer veranderen.
De Verlichting in Duitsland heeft een relatief 'vriendelijk'
aanblik. Een openlijk atheďsme wordt hier vooralsnog niet gepropageerd.
Wel krijgt de Verlichting in Duitsland een brede maatschappelijke
doorwerking, bijv. in de verbetering van het onderwijssysteem. Karl Marx
zal ook aandacht krijgen
Kant (1724-1804) heeft de Verlichting verdiept en heeft zich uitgebreid en
grondig bezig gehouden met de drie hoofdzaken van de filosofie: wat kan ik
weten (de rede), wat moet ik doen (de moraal) en wat mag ik hopen (het
geloof). Kort wordt op deze driedeling ingegaan. Kant behoort tot de meest
invloedrijke denkers van het Westen. Hamann (1730-1788) en Schleiermacher
(1768-1834) hebben fundamentele kritiek op de rationalistische aanpak van
Kant.
De centrale grootheden van de Verlichting
Bij de Verlichting wordt de hoofdrol gespeeld door drie centrale
grootheden: de rede, de vooruitgang en de natuur. De Verlichting heeft
onze hedendaagse westerse cultuur zeer sterk beďnvloed.
Drie eenzame denkers
Drie eenzame denkers, die niets moesten hebben van het rationalisme
van Descartes en Kant zijn Schopenhauer (1788-1860), Kierkegaard
1813-1855) en Nietzsche (1844-1900), korte behandeling.
Ook aandacht voor: het conservatisme van Edmund Burke (1729 –
1797) tegen de Franse Revolutie, het positivisme (Auguste Comte,
1798-1857) en het postmodernisme (Lyotard, 1924-1998).
Rond de eeuwwisseling van 1900, twee kanten:
1. heel optimistisch gezien vooral de resultaten van wetenschap en
techniek
2. ook scepticisme door de vele diverse stromingen op het terrein van
filosofie, moraal en religie.
Verdere ontwikkelingen in het Verlichtingsdenken
Naturalisme en fysicalisme komen op en de moraal is bij de Verlichting
niet meer veilig is, (Alasdair MacIntyre, 1929-). Kan daardoor de
menselijkheid in de samenleving wel in stand gehouden worden?
Waarden, normen, deugden, plichten en rechten
Wat zeggen Socrates (470-399), Jezus (0-33), Kant en Thomas Hobbes
(1588-1679) over normen en waarden.
Hoe moeten we de ontwikkeling van deugden naar plichten en daarna naar
mensrechten duiden?
Na de Romantiek vieren subjectivisme en relativisme hoogtij. Heeft dit
toekomst?
De veranderingen na de jaren zestig en de multiculturaliteit
De laatste grote culturele omslag in het Westen vond plaats in de
jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Taboes moesten doorbroken
worden, niets was meer heilig voor het experiment.
De afkeer van de eigen (christelijke) traditie heeft ervoor gezorgd dat de
'ander’ (bijv. Turk, Marokkaan) met open armen werd ontvangen, culturele
verrijking was het motto.
Het waren wel burgers met een eigen culturele identiteit niet verzwakt
door het westerse cultuurrelativisme. Wat zijn hiervan de consequenties
voor de samenleving?
De dominante economie
De huidige dominante positie van de economie is reeds door Friedrich
Nietzsche aan het eind van de negentiende eeuw voorzien als de
'wirtschaftliche Gesamtverwaltung der Erde' - de totaaleconomische
exploitatie en beheersing van de gehele aarde en alle levensgebieden.
Heeft de economie de rol van de religie als richtinggever voor de
samenleving overgenomen?
Maatschappelijke ontwikkelingen
We zien momenteel processen in de samenleving, die we enkele
tientallen jaren geleden niet voor mogelijk hielden. De aanval op en
mishandeling van politieagenten "spant wel de kroon". Wat zijn
de oorzaken zoeken en is het tij nog te keren en zo ja hoe? Is de autonome
positie van de individuele mens geheel gericht op zijn eigen vrijheid en
genot niet te ver doorgeschoten? Moeten we weer terug naar een
samenleving, die gebaseerd is op de deugd en het traditionele goede gezin?
De overheid
Welke rol speelt de overheid hierbij? Er is een bekend gezegde
"Zo de samenleving, zo de overheid" en dit gaat nog steeds op.
Dit is een direct gevolg van democratie. Is de overheid niet medeoorzaak
van de vele maatschappelijke problemen en dus onderdeel is van het
probleem?
De positieve en negatieve punten in de Verlichting, de balans
opgemaakt.
Hoe de ontwikkeling van de maatschappij verder zal gaan is onzeker,
maar door de Verlichting zijn er wel ontbindende factoren in die
samenleving terecht gekomen. In hoeverre heeft de Verlichting
verduistering gebracht? De toekomst zal uitwijzen in welke richting
dat proces verder gaat en hoe het uiteindelijk afloopt.
Drs. C. Kruijmer (Kees)